Vuurwater drinken en kettingroken met God

San Simón (Bron Wikipedia)

De overgang van de zonovergoten hoogvlakte naar het duister in de lemen hut zonder ramen is groot. Half verblind laat ik me door God’s intermediair – de ‘aguacil’ – naar mijn plaats op het houten bankje leiden. De aguacil legt het geld en het flesje alcohol dat ik aan hem heb gegeven bij de andere offerrandes aan de voeten van San Simón. Dat is een goed teken want San Símon laat zo weten dat ik geen slechte gedachtes heb en dus welkom ben. Hij kan de offers en daarmee het bezoek ook weigeren. Bij twijfel legt de aguacil het offergeld op de opening van een flessenhals: blijft het bankbiljet liggen, dan ben je welkom, valt het geld op de grond dan val je alsnog door de mand.

Gepijnigd

De Godheid zelf zit onverstoorbaar op zijn stoel, blik op oneindig, een rokend sigaretje tussen zijn lippen en zijn kin nog druipend van een slok aguardiente (sterke drank). Hij komt voorlopig niets te kort: tussen de brandende kaarsen op de vloer staan enkele bordjes met eten, een paar zakjes quinoa, meerdere flesjes drank en tientallen handgedraaide sigaretten en sigaren. Op de paar bankjes om hem heen, zitten zeven schimmen. In een hoek ligt een figuur te slapen. Vlakbij de uitgang staat een houten vitrinekast op schragen. De bovenkant en lange voorzijde zijn van glas. In de kist ligt een gepijnigde Christusfiguur, bedekt onder slingers en goudkleurige bladeren. Aan de lage zoldering hangen slingers, trossen bananen en perzikken. Het geurt naar verbrande tabak, kaarsvet en droge grond.
Dan staat een jonge vrouw op – mij ogen zijn inmiddels gewend aan de duisternis – en zij gaat op de grond voor San Simon zitten en begint in alle rust haar verhaal. In Quiché, een Maya-taal, dus ik versta er geen woord van, maar haar verdriet en wanhoop vullen al snel de ruimte. Mijn metgezel, Diego, vertaalt zachtjes haar smeekbede naar het Spaans: haar man is recent overleden – voor de benodigde medicijnen was geen geld – en zij blijft achter met vier jonge kinderen waarvan een gehandicapt – de vrouw smeekt om hulp, om goede raad, want hoe moet zij nu verder? Zonder inkomen, zonder werk, zonder man!
Diego is een medewerker van Radio La Voz de Atitlán waar ik op bezoek ben en hij heeft mij meegenomen naar deze bijzondere plek. Even later steekt een man een nieuw sigaretje op voor San Simón en hij laat ook de fles nog eens rondgaan. Dan vraagt hij de Godheid om zijn pasgeborene en zijn gezin te zegenen en hij verzoekt om voorspoed in gezondheid en in het zaken doen.

Gedeelde smart en vreugde

Hoe bijzonder! Iedereen in deze ruimte hoort en voelt het verdriet, de vreugde en de hoop van de ander – meestal volslagen vreemden, want de gelovigen komen van heinde en ver. Openlijk lief en leed met elkaar delen; een betere getuigenis en verbintenis dat we allemaal mens zijn kan ik me haast niet voorstellen. In hoeverre de gelovigen hier ook taboes hardop durven uit te spreken weet ik natuurlijk niet.
Hoe anders zijn de erediensten in de Rooms Katholieke cultuur waar ik in ben opgegroeid, waar men hardop bidt uit het boekje en waar persoonlijke hartekreten aan Hem in stilte worden beleden of voor eeuwig begraven in het biechtgeheim.
Volgens Diego is San Simón een discipel van Jezus Christus, maar ik geloof eerder Wikipedia die stelt dat San Simón een mix is van (oer) oude Maya religies en van het katholicisme. In het kielzog van Columbus veroverde het katholicisme Zuid Amerika waaronder, rond 1521, Guatemala. (Vermoedelijk heeft San Simón zich toen door die sluwe katho’s laten inpakken zoals ook de van oorsprong niet-christelijke kerstboom is overkomen.) 

God in huis

San Símon heeft geen eigen kerkgebouw. Ieder jaar verhuist de Hij/Zij-God naar een andere plek in de regio. De gemeenschap bepaalt ieder jaar wie de rol van aguacil krijgt. Hiervoor gekozen worden is een hele eer, maar het betekent wel dat hij (bij mijn weten geen zij) een jaar lang niet of nauwelijks aan werken toekomt. Om die reden nemen anderen zijn werk zo veel mogelijk over en de (financiële) offers zijn ook inkomsten.
De aguacil op wiens erf San Simón dit jaar verblijft is boer. Zelf weken lang het land op om te oogsten kan hij wel vergeten. Gelukkig zorgt San Simón voor hem en zijn gezin.

Santiago Atitlán, Mexico – maart 1994

Meer info over San Simón op  https://es.wikipedia.org/wiki/Rilaj_Maam